De schat lag 18 eeuwen te wachten in de modder

Uit de oude doos.

Detectors aan – hé, dat zijn 169 Romeinse muntjes

De schat lag 18 eeuwen te wachten in de modder

AMERSFOORT Soms vinden ze slechts een dasspeldje, maar met 169 Romeinse munten kwam een droom uit voor Leo Fluit (62) en Ron de Vries (55). Hun schat, de grootste muntenvondst ooit in Nederland, ligt nu in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

Wie weet

Eigenlijk rijden ze die woensdag, 2 april, naar een boomgaard bij Ommeren om ringetjes en munten te zoeken. Bij het bordje ‘Welkom in Buren valt Leo’s oog op een weiland. ‘Wie weet’, denkt hij.

De buurmannen zetten de auto aan de kant vragen toestemming, en stappen het gras op. Het blijkt de keuze van de eeuw. In een uitgebaggerde sloot liggen muntjes. Leo vindt er één. Dan twee. Een paar seconden later nog één. Ron was zo’n 300 meter verderop in het weiland, memoreert hij thuis in Amersfoort.

Ik gebaarde hevig

“Ik gebaarde hevig. Tegen de tijd dat hij bij mij was, had ik al dertig muntjes boven.” Dat worden er na nog geen half uur zoeken en graven 169. “Zo’n makkelijke vondst doe je zelden.”

En zo’n kostbare ook niet, later. Zoals altijd geven de buur. mannen hun vondst op bij de archeologische Dienst. Die stuurt ze naar de Nederlandse Bank. Daar vallen kenners van hun stoel: dit is waarschijnlijk de grootste Romeins muntschat uit de derde eeuw ooit in Nederland gevonden. De bank koopt de schat. De munten zin tot eind maart te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Hoeveel geld de twee hebben gekregen, mogen ze niet zeggen. “Ja, we kunnen ervan op vakantie,” zegt Ron. “maar geen wereldreis. Dat is weleens lastig, iedereen denkt dat we nu schathemeltje rijk zijn. Nou, ik woon nog steeds in het huis dat ik 25 jaar geleden kocht. En werk met dezelfde metaaldetector.

Met een eurocentje zijn we ook blij

Ze blijven nuchter, Ron en Leo. We vinden het gewoon leuk om rond te lopen met de metaaldetector, en te kijken wat we vinden. Daar krijg je een ‘kick’ van. Het gaat niet om de waarde. Met een eurocentje zijn we ook blij.” Van hun grootste vondst ooit rest niets dan een herinnering. Of toch, Leo? “Natuurlijk hebben we er zelf een paar gehouden. Niet stiekem hoor, de bank weet ervan. En de boer in Buren heeft er ook een paar. Hij hoefde niets, maar dát kun je zo’n man niet aandoen.